Parlementen


Rijksdag

Het Rijksdaggebouw (Duits: Reichstagsgebäude), is het huidige Duitse parlementsgebouw in de hoofdstad Berlijn. De naam wordt ook wel afgekort tot Rijksdag (Duits: Reichstag). Tot 1933 zetelde hier een voorganger van het huidige parlement (Bondsdag), de Rijksdag. Het gebouw was in 1894 voltooid. Het gebouw heeft de teloorgang van zowel het keizerrijk aan het einde van de 19e en het begin van de 20e eeuw meegemaakt, evenals de Weimarrepubliek en het Derde Rijk.

 

Bouw
Het gebouw is in een eclectische stijl ontworpen door de Frankfurter architect Paul Wallot. De bouw begon in 1884 en de laatste hand werd eraan gelegd in 1894. De tekst Dem Deutschen Volke ("Aan het Duitse volk") werd door keizer Wilhelm II aanvankelijk afgewezen en kon pas in 1916 alsnog worden aangebracht. De bronzen letters zijn ontworpen door Peter Behrens.

 

Brand en herbouw
Het gebouw is in de Rijksdagbrand van 1933 zwaar beschadigd geraakt. Deze brand was (hoogstwaarschijnlijk) aangestoken, maar historici discussiëren tot vandaag nog altijd over de vraag wie de schuldige was. Naar alle waarschijnlijkheid was het de Nederlandse communist Marinus van der Lubbe die de brand had aangestoken. Hij is hiervoor later dan ook terechtgesteld. De ironie van deze daad, die in wezen anarchistisch was, is dat als reactie op de brand de noodtoestand uitgeroepen kon worden waarmee de partij van Hitler de macht kon overnemen.

 

Het gebouw werd enigszins hersteld na de brand en er werden de eerstvolgende jaren propagandafilms vertoond. In de loop van de oorlog werd de kraamafdeling van de nabijgelegen Charité naar de Rijksdag verplaatst, wat tot gevolg had, dat enkele honderden Berlijners in de Rijksdag geboren werden en er tot op heden geboorteaktes met de vermelding geboorteplaats "Berlin - Reichstagsgebäude" zijn. De machteloze Rijksdag vergaderde voortaan in de zogenaamde "Kroll Oper".

 

De Russische sergeant Meliton Kantaria liet op 2 mei 1945 de sovjetrussiche vlag wapperen op de Reichstag als symbool voor de overwinning op het naziregime. Er is zwaar om het gebouw gevochten omdat beide strijdende partijen er een symbool van de macht over Duitsland in zagen. De veel vertoonde foto's en filmbeelden van de bestorming door Russische troepen en het hijsen van de rode Sovjet-vlag zijn enige dagen later in scène gezet, maar zij geven een correct beeld van de inname van de Rijksdag.

 

Koude oorlog
Tijdens de Koude Oorlog werd het zwaar beschadigde gebouw opnieuw gerestaureerd en gemoderniseerd. Het stond echter niet langer model voor één Duitsland maar eerder voor een verdeeld land met een verdeelde hoofdstad. In 1971 werd besloten het gebouw niet meer te gebruiken voor politieke doeleinden en kreeg het de functie van Duits Historisch Instituut toebedeeld.

 

Na de hereniging
Toen in oktober 1990 Oost- en West-Duitsland herenigd werden, vergrootte dit de ambities weer om de Reichstag te gebruiken als onderdak voor het parlement. Na een jaar slaagde men in deze opzet en na 57 jaar zetelden er weer politici van Oost- en West-Duitsland in hetzelfde gebouw. Het Duitse parlement is er tot op heden in ondergebracht. In deze periode is er aan het gebouw ook een architectonische aanpassing door Sir Norman Foster geweest door het plaatsen van een transparante koepel op het midden van het dak. Vanaf het dak van het gebouw kan men door deze koepel de vloer van de hoofdetage en daarmee ook het vergaderende parlement zien. De transparantie ervan is een metafoor voor de werking van de democratie. Een deel van de Russische graffiti en een aantal kogelgaten uit 1945, zijn tegen de zin van vooral conservatieve Duitse parlementsleden, achter plexiglas geconserveerd. De combinatie van oude en nieuwe architectuur wordt gezien als een voorbeeld van post-modernisme in de architectuur. Voor de westingang van het gebouw wappert de Vlag van de Eenheid.